Sinds een jaar waren ze getrouwd, maar de ontmaagding wilde maar niet lukken. Tot grote frustratie van hen beide. Elke keer als ze het probeerden, raakte zij in paniek en hij
gefrustreerd. Na een korte vakantie in het buitenland kwamen ze echter stralend mijn
kamer binnen. “Het is gelukt!”, zei hij met een grote glimlach. Tijdens de vakantie hadden ze een afspraak bij een arts geregeld. Zij had een grote tube glijmiddel en een recept voor kalmerende medicatie meegekregen. De opdracht was om dat te gebruiken en seks te hebben. Eindelijk werd de ontmaagding een feit!

Vaginisme komt bij ongeveer 1 op de 100 volwassen vrouwen voor. Het is het
onwillekeurig aanspannen van de bekkenbodemspieren waardoor de ingang van de schede afgesloten wordt en penetratie niet lukt. Er wordt onderscheid gemaakt tussen ‘primair vaginisme’, waarbij penetratie nog nooit gelukt is, en ‘secundair vaginisme’, waarbij penetratie eerst wel lukte, maar op een gegeven moment niet meer. Deze laatste vorm van vaginisme kan ontstaan na een seksueel trauma of doordat penetratie pijn is gaan doen, bijvoorbeeld door een schimmelinfectie of blaasontsteking. Waardoor ‘primair vaginisme’ precies ontstaat is nog onduidelijk. Wel zijn er enkele fascinerende invalshoeken…

In een onderzoek van Charmaine Borg bekijkt zij de relatie tussen seksuele opwinding en walging. Walging is nodig om weg te blijven van dingen die vies zijn, zoals bedorven
voedsel en ziektebronnen. Evolutionair is dat nodig om de kans op overleving te vergroten. Seks is, als je het goed doet tenminste, ook een beetje vies en walging zou er dus voor moeten zorgen dat we er afstand van houden. Maar seks is echter, net als walging, ook nodig voor de overleving van de soort. De natuur heeft hier iets op gevonden. Het gevoel van walging wordt door seksuele opwinding tijdelijk uitgeschakeld, waardoor we ‘vieze dingen’ kunnen doen. Uit het onderzoek van Charmaine Borg bleek ook dat proefpersonen die seksueel opgewonden waren makkelijker uit een glas dronken met een insect erin of gebruikte condooms aanraakten, dan mensen die niet opgewonden waren. Wellicht dat bij vrouwen met vaginisme de seksuele opwinding te laag en de walging te groot is?

Een andere benadering is die van het Universitair Medisch Centrum van Leiden, waar vaginisme als een fobie voor penetratie wordt gezien. Door de angst voor penetratie, worden vrouwen met vaginisme niet opgewonden en onvoldoende vochtig. Ze spannen tegelijkertijd hun spieren aan, waardoor penetratie niet lukt en pogingen daartoe pijn doen. De angst die ze al hebben, wordt hierdoor groter en de neiging om seks uit de weg te gaan neemt toe. De behandeling in Leiden bestaat daarom uit een geleidelijke blootstelling aan penetratie. Gedurende enkele weken oefent de vrouw samen met haar partner intensief met het inbrengen van ‘pelottes’, een soort kleine dildo’s die in grootte toenemen tot ze het gemiddelde formaat van een penis hebben bereikt. Na deze behandeling lukt het uiteindelijk bij 90% van de stellen om seks te hebben, wat een zeer hoog slagingspercentage is.

De vrouw die bij mij in behandeling was, had haar hele leven spookverhalen over de
ontmaagding te horen gekregen, waardoor vaginisme was ontstaan. Hoewel de
buitenlandse arts die haar behandelde er in één sessie voor zorgde dat seks lukte en zij haar angst achter zich kon laten, komt zijn methode toch weinig subtiel op mij over. Wanneer er goed gekeken wordt naar wat de seksuele opwinding vergroot en de angst doet afnemen, wordt een vrouw vanzelf vochtig en ontspannen haar spieren. Hierdoor wordt penetratie niet alleen mogelijk, maar wellicht ook plezierig. Seksuele opwinding en ontspanning hebben hetzelfde effect als glijmiddel en kalmerende medicatie, maar dan zónder recept verkrijgbaar!